Spring naar inhoud


- - - - -

Herpesvirus erfelijk?


  • Log in om te reageren
8 reacties op dit onderwerp
Guest_Kelly-Tigerlily_*
Guest_Kelly-Tigerlily_*
OFFLINE

#1 Geplaatst 15 april 2012 - 20:44

Hey allemaal,

mijn kat had al een tijdje last van niezen, maar vorige week zagen we dat haar neusje verstopt was en dat haar oog altijd pinkte.

Gisteren zijn we ermee naar de dierenarts gegaan en die zei dat ze het herpesvirus had.

Ik vind het heel jammer en nu was mijn vraag of het virus erfelijk is. Ik zou mijn kat graag mama laten worden, maar als het erfelijk zou zijn zou ik dit uiteraard niet laten gebeuren.

Groetjes

britjes
britjes
  • 3.729 berichten
OFFLINE

#2 Geplaatst 15 april 2012 - 21:21

Ik zou het eerst laten testen of het wel echt herpes is. Zonder test is niks 100% zeker wat het is. Maar ja herpes is wel besmettelijk.

Ik zou niet met zo'n poes een nest nemen
Geplaatste afbeelding

catherine
catherine
  • 40.162 berichten
OFFLINE

#3 Geplaatst 15 april 2012 - 21:25

Herpes is idd besmettelijk maar of het erfelijk is denk ik niet.  

Guest_fiekesof1979_*
Guest_fiekesof1979_*
OFFLINE

#4 Geplaatst 15 april 2012 - 21:51

Herpes is volgens mij niet erfelijk.Is het niet een beetje zoals bij de menselijke variant?Het blijft steeds sluimeren ergens in het ruggemerg.Tot je verminderde weerstand hebt en het terug de kop opsteekt.
Of is de dieren-variant anders?
Er zitten hier deskundigen die dit kunnen bevestigen :)

Randa
Randa
  • 6.205 berichten
    • Locatie: Dendermonde
  • 7 katten
OFFLINE

#5 Geplaatst 15 april 2012 - 21:53

erfelijk is het niet.  Het is niet iets dat DNA bepaald wordt maar het is een virus infectie die dus besmettelijk is en doorgegeven wordt.
Groetjes Randa en de poesjes Nisaba, Maicis, Storm, Trouble, Winter, Party, Kiri, Quecha, Quirina, Umika, Tessa, Lotje, Mira, Ziva and Sadie

Sihirci
Sihirci
  • 9.336 berichten
OFFLINE

#6 Geplaatst 16 april 2012 - 00:55

Bij mensen blijft na het doormaken van waterpokken het virus sluimeren en kan bij verminderde weerstand de kop opsteken als gordelroos. Lijkt mij dat het herpesvirus bij katten ook sluimerend aanwezig (kan) blijven en weer actief kan worden bij verminderde weerstand.

Quote

GORDELROOS (HERPES ZOSTER)
  

INLEIDING

Gordelroos is een huiduitslag, veroorzaakt door een virusinfectie. Het wordt gekenmerkt door het ontstaan van kleine blaasjes, die in een groepje of in een langwerpig gebied (gordel) bijeen liggen. De blaasjes veroorzaken jeuk of pijn en gaan later over in een wondje waar een korstje op komt. Gordelroos komt vooral voor bij oudere patiënten. Het zit meestal op de romp of in het gezicht en altijd aan één kant van het lichaam.

De medische term voor gordelroos is herpes zoster. De veroorzaker is het varicella zoster virus. Het varicella zoster virus veroorzaakt ook de kinderziekte waterpokken. Patiënten die gordelroos krijgen hebben in hun jeugd waterpokken gehad, en dragen het virus nog steeds bij zich in hun lichaam. Na genezing van de waterpokken blijft er wat virus achter in de zenuwbanen naast de wervelkolom of in de zenuwen van het gelaat. Onder bepaalde omstandigheden kan het virus weer actief worden. Dat gebeurt vooral als de weerstand van iemand achteruitgaat, bijvoorbeeld door het ouder worden, of door gebruik van geneesmiddelen die het afweersysteem verzwakken. Het virus gaat zich dan weer vermenigvuldigen en bereikt via de zenuwbanen de huid. Op de huid ontstaat een uitslag precies in het gebied dat door de zenuw verzorgd werd. Daarom zit gordelroos altijd maar in een gebied, aan 1 kant van het lichaam. Een stukje huid dat door 1 zenuw verzorgd wordt wordt ook wel een dermatoom genoemd.

Iedereen kan gordelroos krijgen, maar de ziekte treedt vooral op boven het zestigste levensjaar. Ruim 20% van de bevolking krijgt er ooit mee te maken Gordelroos is over het algemeen geen ernstige, maar wel een hinderlijke aandoening. Het geneest meestal vanzelf in enkele weken, soms duurt het wat langer. Gordelroos kan in principe meerdere malen bij dezelfde persoon optreden, maar dat komt zelden voor. Na een doorgemaakte infectie worden er weer nieuwe antistoffen gemaakt, waardoor het virus vaak jaren wegblijft. Als het wel vaker voorkomt, is dat een reden te onderzoek of er een verminderde weerstand is. Bij een zeer slechte weerstand kan het virus zich over het hele lichaam verspreiden.


HOE ZIET HET ER UIT ?
  
De kenmerken van gordelroos zijn een hevige, brandende of stekende pijn, die soms gepaard gaat met koorts of een algemeen gevoel van ziek zijn. Na een paar dagen ontstaan kleine groepen rode blaasjes, eerst gevuld met helder vocht, maar later troebel (etterig). Deze gaan gepaard met een heftige jeuk of pijn. Na tien tot veertien dagen drogen de blaasjes in en worden korstjes die kleine littekens kunnen achterlaten. Gordelroos kan overal op het lichaam voorkomen, maar wordt het meest gezien op de romp (50% van de gevallen), de armen (20%) en in het gezicht (15%). In een enkel geval zit het op de benen. Bij oudere patiënten komt gordelroos vaker in het gezicht voor, soms kan daarbij ook het oog geinfecteerd worden.

  
Een dreigend gevaar van gordelroos is een zenuwpijn (post-herpetische pijn) die lang aanhoudt, ook als de blaasjes al lang verdwenen zijn. Die zenuwpijn kan heel ernstig zijn en jarenlang duren. De kans op een dergelijke zenuwpijn neemt toe naarmate iemand ouder is.


BESMETTELIJKHEID

Gordelroos is besmettelijk voor anderen, zolang als er blaasjes of open wondjes aanwezig zijn. De meeste volwassenen hebben al een keer waterpokken gehad als kind en hebben daar antistoffen tegen gemaakt. Zij zijn immuun en kunnen niet besmet worden. Maar wie nooit waterpokken heeft gehad en geen antistoffen heeft tegen het virus, kan besmet raken door iemand met gordelroos, en dan waterpokken krijgen. Het virus kan door de lucht worden overgedragen en ook via het vocht uit de blaasjes. Patiënten met gordelroos moeten daarom uit de buurt blijven van pasgeboren baby's, en ernstige zieke patiënten met een gestoorde afweer.
  
HOE WORDT DE DIAGNOSE GESTELD ?

Vaak is de diagnose al te stellen op grond van het klinisch beeld, hoe het er uitziet, de typische vorm en de pijn. Soms wordt er wat blaasjesvocht afgenomen om te bekijken onder de microscoop of om te kweken op het virus, maar meestal is dat niet nodig.

  
BEHANDELING

Bij gezonde mensen met een niet al te uitgebreide gordelroos is het niet nodig om een behandeling te starten. Een behandeling zou bestaan uit het innemen van antivirale tabletten (aciclovir, valaciclovir of famciclovir), maar in de meeste gevallen wordt het virus bij gezonde personen gewoon door het eigen afweersysteem aangepakt en draagt het slikken van de antivirale geneesmiddelen daar niet veel aan bij.

Bij patiënten met een gestoorde afweer ligt het anders, daar is het wel verstandig om antivirale middelen te gaan innemen. Deze patienten kunnen ernstig ziek worden, met koorts en algemene ziekteverschijnselen en moeten soms zelfs in het ziekenhuis worden opgenomen voor een infuus met aciclovir.

Ook als de herpes infectie uitbreekt rond het oog is het verstandig om te starten met antivirale tabletten. Vaak kijkt de oogarts dan de ogen na, en wordt een antivirale oogcrème toegevoegd aan de behandeling.

Als de herpes infectie rond het oor zit, wordt soms prednison erbij gegeven om schade aan de gehoor en aangezichtszenuw te voorkomen.

Zonodig worden pijnstillers voorgeschreven, en soms worden crèmes voorgeschreven die voorkomen dat de herpes wondjes geïnfecteerd worden met bacteriën. Tegen de jeuk wordt meestal een strooipoeder of een zalf gegeven.

Het voorschrijven van een antivirusmiddel heeft alleen zin als het binnen een week (liefst zelfs binnen 3 dagen) na het opkomen van de eerste verschijnselen gestart wordt. Wordt er langer gewacht, dan heeft het voorschrijven van antivirusmiddelen niet zoveel zin meer. In dat geval wordt er alleen iets tegen de pijn of jeuk voorgeschreven. Zonder medicijnen verdwijnt de gordelroos ook vanzelf na ongeveer een maand.
  
Hevige en pijnlijke gordelroos kan worden bestreden met een zenuwbehandeling (via een injectie laag in de rug). Deze behandeling is erop gericht de zwelling in de zenuw te verminderen, acute pijn te bestrijden en te voorkomen dat er een blijvende zenuwontsteking ontstaat, die jarenlang klachten kan veroorzaken. De zenuwbehandeling wordt gegeven door een anesthesist. Deze behandeling heeft alleen zin als ze plaatsvindt binnen vijf weken vanaf het begin van de klachten.

Post-herpetische pijn kan worden bestreden met pijnstillers, of met speciale geneesmiddelen die gewoonlijk alleen bij epilepsie of depressie worden voorgeschreven.

In de Verenigde Staten worden ouderen tegenwoordig gevaccineerd tegen herpes zoster. De meeste mensen hebben op jonge leeftijd waterpokken doorgemaakt en hebben daarna een goede afweer tegen het virus. Maar na vele jaren wordt die minder. Vaccineren kan de afweer weer op peil brengen zodat ouderen geen last krijgen van een pijnlijke en vervelende gordelroos.
  
  
WAT KUNT U ZELF NOG DOEN ?

U moet zich realiseren dat de blaasjes vol zitten met het waterpokkenvirus en dat u dus anderen zou kunnen besmetten die het virus nog nooit gehad hebben. Blijf uit de buurt van pasgeborenen en baby's, zwangeren, en personen met een verminderde weerstand. Verpleegkundigen met gordelroos die op een afdeling werken waar dit soort patiënten verpleegd worden moeten thuis blijven totdat de infectie helemaal over is.


WAT ZIJN DE VOORUITZICHTEN ?

Gordelroos gaat vanzelf weer over. Bij patienten met een verzwakte weerstand kan de infectie ernstiger verlopen littekens achterlaten. Soms blijft het gebied waar het gezeten heeft nog langdurig pijnlijk. Dit komt door prikkeling van de zenuwen en het heet post-herpetische neuralgie. Het komt vooral voor bij ouderen en is moeilijk te behandelen. Soms is verwijzing naar een neuroloog of een anesthesist van een pijnteam nodig. Er worden geneesmiddelen bij voorgeschreven die ook bij epilepsie worden gebruikt
Als de gordelroos in het gezicht zit kunnen door zenuwbeschadiging verlammingen optreden van oogspiertjes of spiertjes van het gezicht. Na een herpesinfectie rond het oor kan doofheid of duizeligheid ontstaan.
  
Bron: Huidziekten.nl  (Dermatologie)


Quote

HERPES


WAT IS HET?

Herpes is een ziekte die veroorzaakt wordt door het herpes simplex virus (HSV). Dit is een van de meest voorkomende virussen bij de mens en komt overal ter wereld voor. Van het herpes simplex virus bestaan twee typen: type 1, meestal verantwoordelijk voor herpesinfecties van gelaat en lippen, type 2, meestal de oorzaak van herpesinfecties rond de geslachtsorganen. Beide virustypen kunnen in principe elk gebied van huid en aangrenzende slijmvliezen aantasten, zodat bijvoorbeeld ook infecties met HSV type 1 "onder de gordel" voorkomen.


HOE ONTSTAAT HET?

Wanneer het lichaam wordt besmet met HSV spreken we van een primaire infectie. Een primaire HSV-infectie wordt meestal niet opgemerkt. De infectie veroorzaakt slechts bij ongeveer tien procent van de patiënten lichte verschijnselen. Bij slechts één procent van de betrokkenen gaat de infectie met meer verschijnselen gepaard. Het virus dringt het lichaam binnen via het slijmvlies of de huid. Het duurt in de regel drie tot negen dagen voordat de verschijnselen zich openbaren. Het virus vermenigvuldigt zich in de geïnfecteerde huid of het geïnfecteerde slijmvlies en verspreidt zich naar de lymfeklieren in de buurt van de infectieplaats, die daardoor tijdelijk groter en pijnlijk kunnen worden. Op de infectieplaats ontstaat een ontsteking waarbij vaak blaasjes ontstaan, die in korte tijd troebele pusblaasjes worden en tenslotte indrogen tot korstjes, die uiteindelijk zonder littekenvorming afvallen. Op de slijmvliezen gaan de blaasjes al zeer snel stuk waardoor oppervlakkige zweertjes ontstaan, die uiteindelijk zonder littekenvorming verdwijnen. De meeste mensen worden al op jonge leeftijd door het HSV besmet. Primaire HSV-infecties zijn meestal minder ernstig bij kinderen dan bij volwassenen. De ernst ervan neemt toe met het ouder worden.
  
Het meest voorkomende klinische beeld van een primaire HSV-infectie is een ontsteking van tandvlees, tong, wangslijmvlies en lippen. Deze kan variëren van enkele slijmvlieszweertjes tot een uitgebreide ontsteking van het mondslijmvlies. Soms verspreidt de infectie zich ook via het bloed naar de rest van het lichaam, wat gepaard gaat met algehele ziekteverschijnselen zoals koorts. Dit laatste komt vooral voor bij patiënten met een gestoorde afweer.
  
Een bijzonderheid bij een HSV-infectie is dat het virus levenslang in het lichaam aanwezig blijft. In een vroeg stadium van de primaire infectie dringt het virus binnen in de plaatselijke zenuwuiteinden en verplaatst zich via de geïnfecteerde zenuwen naar de bij die zenuwen behorende zenuwknoop. Daar blijft het virus in een latente (slapende) vorm, levenslang aanwezig. Het kan zich daar op ieder moment opnieuw vermenigvuldigen en eventueel ziekteverschijnselen veroorzaken.


HOE VINDT BESMETTING PLAATS?

Het virus heeft buiten het menselijk lichaam slechts een korte levensduur. Besmetting vindt voornamelijk plaats door direct contact met het virus. Besmetting is mogelijk via rechtstreeks huid- of slijmvliescontact (zoenen, seksueel contact), maar soms ook via bepaalde gebruiksvoorwerpen. Ook door aanraking met de vingers van de herpesuitslag (koortsblaasjes, herpeszweertjes of met korstjes bedekte ingedroogde blaasjes) kan het virus worden overgebracht. De mogelijkheid bestaat dat daardoor de herpesinfectie ook op een andere plaats van het lichaam wordt overgebracht.


WAT ZIJN DE VERSCHIJNSELEN?

Hoewel herpes meestal in het mondgebied of de genitaalstreek optreedt, kan in principe elk huidgebied van het lichaam worden geïnfecteerd.
  

Herpes rond de lippen (koortsuitslag)

De meest voorkomende vorm van herhaaldelijk optredende (recidiverende) HSV-infectie is herpes rond de lippen (ook wel koortsuitslag genoemd). Het verloop van herpes labialis is vaak zeer mild, maar soms zijn de aanvallen heftig en veroorzaken ze een cosmetisch sterk ontsierend beeld. Sommige patiënten hebben maandelijks klachten, andere hebben maar enkele malen in hun hele leven last van herpes.
  

Herpes rond de geslachtsdelen en anus

Primaire herpes rond de geslachtsdelen en de anus heeft gewoonlijk een ernstiger verloop dan een herhaalde herpesinfectie in deze gebieden, hoewel het mogelijk is dat een primaire infectie ook hier zonder verschijnselen verloopt.
Tijdens de primaire of initiële aanval van herpes rond de geslachtsdelen is de baarmoederhals bij de vrouwen en de plasbuis bij de mannen vaker aangedaan dan bij herhaalde infecties. Wanneer herpes rond de geslachtsdelen en anus zich ook het eerst voordoet en de klinische symptomen ernstig genoeg zijn, heeft men te maken met een primaire infectie of met een initiële aanval. Alleen bloedtests kunnen in dit geval uitwijzen of al eerder een herpesinfectie rond de geslachtsdelen of de anus heeft plaatsgevonden.
Het is belangrijk te weten dat tijdens de herpesaanvallen de geslachtsdelen of de anus zeer besmettelijk zijn, waardoor de infectie gemakkelijk kan worden overgebracht bij seksueel contact. Het herpesvirus kan nog worden afgescheiden wanneer de patiënt geen verschijnselen meer van de infectie heeft. Deze zonder verschijnselen verlopende virusafscheiding treedt het meest frequent op gedurende de eerste 3 maanden na een primaire herpesinfectie, vooral wanneer het een infectie met HSV type 2 betreft.
  

Herpes op andere gebieden van het lichaam

Herpes aan de vinger kan worden opgelopen door zelfbesmetting vanuit een herpesinfectie elders op het lichaam, of door direct contact met een patiënt die een actieve herpes heeft. Deze vorm van herpes wordt vooral opgelopen door doktoren, verpleegsters en tandartsen. Herpes op de billen komt geregeld voor.
Een veel voorkomende voorbode bij een terugkerende infectie op deze plaats is het optreden van pijn laag onder in de rug en diep in het bekken één tot enkele dagen voordat de huidafwijkingen optreden. Een primaire herpes van de billen is ongewoon. Intensief huidcontact tijdens sporten, bijvoorbeeld worstelen of rugby, kan soms aanleiding geven tot primaire herpes op voor herpes ongewone plaatsen op het lichaam.
  Herpes bij eczeem

Patiënten met eczeem lopen bij een primaire of recidief herpesinfectie kans op uitbreiding van de herpes over de door eczeem aangedane huidgebieden, waarbij ook de niet door het eczeem aangedane huidgebieden betrokken kunnen worden.
  

Herpes van het oog

Bij infectie van het oog met het herpes simplex virus is behalve het bindvlies meestal ook het hoornvlies betrokken. De symptomen zijn niet specifiek en kunnen bestaan uit een geïrriteerd rood en tranend oog waarbij er een gevoel bestaat alsof er een vuiltje in het oog zit; licht wordt niet goed verdragen en het zicht kan troebel zijn. Meestal is er sprake van een oppervlakkige aantasting van het hoornvlies, die bij oogheelkundig onderzoek met een lamp is te zien. Soms ontstaat door beschadiging van dieper in het hoornvlies gelegen cellen een wondje, dat bij genezing door de vorming van littekenweefsel aanleiding kan geven tot blijvende beschadiging van het hoornvlies.
  

Herpes bij pasgeborenen

Wanneer de moeder vlak voor of tijdens de bevalling aan een actieve herpes-infectie rond de geslachtsdelen lijdt, bestaat de kans dat het kind tijdens de geboorte met het herpes-virus wordt besmet en ziek wordt. Wanneer de moeder, bekend met een steeds terugkerende herpes rond de geslachtsdelen, het virus niet aantoonbaar afscheidt, is het risico op besmetting voor het kind te verwaarlozen. De meeste herpes-infecties bij pasgeborenen ontstaan overigens pas in de eerste levensweken doordat de baby dan in contact komt met iemand die herpes heeft. Dat kan dus ook de vader of een kraamverzorgster zijn. Ongeveer de helft van de met HSV besmette pasgeboren kinderen krijgt huidafwijkingen. Daarnaast kunnen de ogen, de mond, de hersenen en de inwendige organen door de infectie worden aangedaan. Onbehandeld geeft een herpes-infectie bij pasgeborenen vaak aanleiding tot blijvende ernstige restafwijkingen of overlijden.
  

Herpes van de hersenen

In uitzonderlijke gevallen, met name bij patiënten met verminderde afweer breidt de HSV-infectie zich uit naar de hersenen; dit kan zich in principe voordoen bij iedere patiënt. In dertig procent van de gevallen is sprake van een primaire infectie, maar meestal betreft het patiënten op met name middelbare leeftijd met een herhaalde infectie. Herpes simplex encephalitis is een snel en ernstig verlopend ziektebeeld, dat gepaard kan gaan met hoofdpijn, psychiatrische gedragsveranderingen, slikklachten, epileptische aanvallen, halfzijdige verlamming en coma. Het zal in een groot aantal van de gevallen, zonder antivirale behandeling, leiden tot de dood.


HOE WORDT DE DIAGNOSE GESTELD?

De diagnose van een HSV-infectie van huid en slijmvlies wordt meestal op het klinische beeld gesteld. In een groot aantal gevallen van herpes rond de geslachtsdelen is het klinische beeld echter niet duidelijk. Laboratoriumonderzoek kan een, op grond van het klinische beeld, gestelde diagnose ondersteunen of een herpesinfectie aantonen. Microscopisch onderzoek van schraapsels uit huid- of slijmvlieswondies kan een voor herpesinfectie kenmerkend beeld opleveren. Ook kan een herpesinfectie van de baarmoedermond, d.m.v. microscopisch onderzoek van een uitstrijkje, worden aangetoond. De kweek van het virus is de meest betrouwbare methode voor het aantonen van een herpesvirus-infectie. Door middel van bloedonderzoek kunnen antilichamen tegen HSV worden aangetoond, waarmee achteraf een besmetting kan worden bevestigd.


WAT IS DE BESTE BEHANDELING?

Er is nog geen goede behandeling voor herpes, in die zin dat het virus gedood kan worden of dat een terugkerende infectie kan worden voorkomen. Wel zijn er medicijnen om de klachten en de gevolgen van de infectie te verminderen. Ongecompliceerde HSV-infecties behoeven in principe geen behandeling. Voor de koortslip zijn er een aantal antivirale crèmes verkrijgbaar bij de drogisterij of apotheek. Omdat de werkzaamheid van deze lokale crèmes tegenwoordig als gering wordt beschouwd, zijn ze niet meer op recept verkrijgbaar, en worden niet vergoed. Bij ernstige infecties kunnen antivirale middelen in tabletvorm worden voorgeschreven, zoals valaciclovir (Zelitrex), famciclovir (Famvir) of aciclovir (Zovirax). Dit heeft alleen zin indien de geneesmiddelen vroegtijdig worden toegediend, binnen 4-5 dagen na het eerste begin van de klachten. Eventuele huidafwijkingen (blaasjes, zweertjes) kunnen worden ingedroogd met zinkolie. Soms zijn pijnstillers nodig (paracetamol). Wanneer er sprake is van regelmatig terugkerende HSV-infecties, dan kan bij mensen met veel klachten gedurende langere tijd een onderhoudsbehandeling met een antiviraal middel gegeven worden, waarmee de regelmatig terugkerende HSV-infecties, zowel in aantal als in duur verminderen.


WAT KAN MEN ZELF NOG DOEN?

Hoe kan zelfbesmetting worden voorkomen?

Kom nooit met de vingers aan herpes, dus pulk ook niet aan korstjes. Wanneer een crème of zalf wordt uitgestreken over herpes, gebruik dan bij voorkeur een wattenstaafje. Wanneer u cosmetica in het gelaat aanbrengt of verwijdert, vermijd dan elk contact met de herpes. Gebruik geen lipstick zolang er herpes op de lippen aanwezig is. Vermijd bij wassen elk contact tussen herpes en washandje of handdoek. Was na contact met herpes onmiddellijk uw handen.

  
Hoe kan besmetting naar anderen worden voorkomen?

Wanneer u koortsuitslag aan de lippen heeft, houd dan toiletartikelen, eet- en drinkgerei strikt voor privégebruik; zorg ervoor dat niemand anders ze gebruikt en was ze direct na gebruik goed af. Vermijd rechtstreeks contact met de lippen van anderen; vermijd bijvoorbeeld zoenen. In het geval van herpes rond de geslachtsdelen moet worden afgezien van seksueel contact, totdat alle afwijkingen geheel zijn genezen.
Voorkomen is beter dan genezen. Herpes rond de geslachtsdelen is meestal geen ernstige, maar wel een vervelende geslachtsziekte. Het gebruik van een condoom verkleint de kans om besmet te raken.
  

Hoe kan herpes bij pasgeborenen worden voorkomen?

Elke infectie bij een pasgeborene kan ernstig verlopen, omdat het afweermechanisme tegen bacteriën en virussen nog niet volledig ontwikkeld is. De gevolgen van een HSV-infectie bij een pasgeborene kunnen zeer ernstig zijn. U mag dus in het geval van koortsuitslag aan de lippen een pasgeborene niet zoenen.
Het is van belang dat een zwangere vrouw aan haar verloskundige of arts meldt of zij of haar partner ooit herpes rond de geslachtsdelen heeft gehad. Een bevalling met behulp van een keizersnede kan nodig zijn om herpes bij pasgeborenen te voorkomen. Mannen met een terugkerende herpes rond de geslachtsdelen moeten bij geslachtsverkeer met hun zwangere partner gebruik maken van condooms.


WAT ZIJN DE VOORUITZICHTEN?

Wie eenmaal met het herpesvirus is besmet, draagt het virus levenslang bij zich. De meeste mensen hebben daar in het geheel geen last van. Bij sommigen treedt af en toe reactivatie op. Bij een zeer kleine groep gebeurt dat zo vaak en zo hevig dat men daar echt last van heeft. Op den duur nemen de aanvallen echter ook bij die mensen in ernst en aantal af. Door verschillende prikkels, waaronder koorts, zonlicht, menstruatie of stress kan bij hen het virus opnieuw worden geactiveerd, waarna het zich vanuit de zenuwknoop via de zenuw naar al eerder besmette huid of slijmvlies verplaatst. Hier kan dan een voor HSV-infectie kenmerkende ontsteking optreden.
Bron: Nederlandse Vereniging voor Dermatologie en Venereologie
2009


Sihirci
Sihirci
  • 9.336 berichten
OFFLINE

#7 Geplaatst 16 april 2012 - 01:06

Quote

Heeft mijn kat herpes?
Het Herpesvirus (FHV-1 of FHeV-1) is, samen met het Calicivirus, een van de belangrijkste veroorzakers van niesziekte bij de kat. Het herpesvirus wordt overgedragen door fysiek contact tussen katten. Hoewel ‘niesziekte’ vrij onschuldig klinkt, is dit het niet. Niesziekte veroorzaakt door het herpesvirus uit zich als eerste door, de naam zegt het al, niezen en een snotterige neus en ogen. Niesziekte kan echter snel verergeren. Doordat katten door een verstopte neus niet meer kunnen ruiken, vergaat ze ook de eetlust. Een geïrriteerde slijmhuid in de keel, neus en mondholte maakt eten nog minder aantrekkelijk. In uiterste gevallen kan dit inhouden dat katten, zonder dwangvoederen, zichzelf doodhongeren. Veel katten krijgen koorts en krijgen het benauwd. Wanneer katten met een verstopte neus door hun mond gaan ademen, is de kans aanwezig dat de ontsteking afdaalt naar de luchtpijp en de longen. Bovendien is het risico aanwezig dat niesziekte chronisch wordt.

Wanneer een kat eenmaal besmet is met het herpesvirus zal hij dit altijd latent bij zich blijven dragen, ook al lijkt hij volledig gezond. In tijden van een verminderde weerstand kan de niesziekte weer de kop op steken en ook stress is een bekende veroorzaker van het reactiveren van het virus. Dit is ook de reden dat catteries, pensions, tentoonstellingen of dierenartsenpraktijken bekende ‘niesziektebolwerken’ zijn; hier zitten immers veel – vaak gestresste – katten bij elkaar wat zorgt voor een verhoogde infectiedruk. Niesziekte wordt voornamelijk overgedragen via orale, oculaire en nasale uitscheiding bij de kat, dit gaat het snelste wanneer een acuut zieke kat in contact komt met andere katten, hoewel ook latent zieke katten het virus kunnen overbrengen op gevoelige katten. Ook via schoeisel en kleding kan het virus worden overgedragen, maar omdat het niet lang overleeft ‘buiten de kat’ gebeurt dit weinig.

Vaccinatie tegen herpes voorkomt helaas lang niet altijd dat een kat besmet raakt, wel vermindert het in veel gevallen de symptomen als een kat ziek wordt en reduceert het eveneens het uitscheiden van het virus.

Conjunctivitis

Herpes heeft niet alleen zijn weerslag te hebben op de luchtwegen van een kat, ook de ogen kunnen door het herpesvirus aangetast worden. In zo’n geval spreken we van conjunctivitis, oftewel bindvliesontsteking. Hierbij raakt het ‘roze gedeelte’ van het oog geïrriteerd wat kan uitmonden in een voor de kat uitermate onprettige ontsteking van het oog. Om te voorkomen dat onherstelbare schade aan de ogen optreedt is het belangrijk om zo snel mogelijk, zodra de eerste symptomen van niesziekte zich voordoen, in te grijpen.

De behandeling

L-Lysine: effectief tegen herpes

L-Lysine is een essentieel aminozuur dat niet door het dierenlichaam kan worden aangemaakt en dus in de voeding moet zitten. Naast het feit dat het een belangrijke bouwstof van eiwit is, heeft het zijn uitwerking op het immuunsysteem, met name op de productie van antilichamen. Door de collageenvormende eigenschappen is het van groot belang voor weefselherstel in het lichaam. Wanneer een dier L-Lysine niet voldoende binnenkrijgt kan dit leiden tot allerhande klachten. Een van de meest gehoorde klachten is weerstandsvermindering met daardoor een hogere gevoeligheid voor (herpes)infectie en virussen. Uit studies blijkt dat het supplementeren van L-lysine de ernst van de symptomen terug kan dringen en verspreiding van het virus in tijden van stress tegengaat.

Lysine is een antagonist van het semi-essentiële aminozuur arginine. ‘Semi-essentieel’ houdt in dat een dier het onder normale omstandigheden zelf in voldoende mate kan aanmaken maar dit soms door ziekte, ouderdom of juist groei, onvoldoende lukt. Beide aminozuren maken gebruik van dezelfde celmechanismen in het lichaam en een teveel van de een kan dan ook al snel leiden tot een tekort aan de ander. Waar Lysine vooral wordt gewonnen uit dierlijke eiwitten, komt arginine voornamelijk uit plantaardige eiwitten als granen. In de moderne voeding zit relatief veel arginine, mede door het hoge gehalte aan granen en plantaardig materiaal. Daarom loont het L-lysine, met name in tijden van een verminderde weerstand, los te supplementeren.

Bij dieren wordt L-Lysine voornamelijk ingezet ter uitschakeling van actieve herpesvirussen of om mogelijke besmetting te voorkomen, bijvoorbeeld op plekken waar veel dieren bij elkaar zijn. L-Lysine kan het beste worden gegeven in combinatie met Vitamine B6 en op nuchtere maag. Deze vitamine ondersteunt de L-Lysine bij de assimilatie en werkt gunstig op de vorming van nieuw weefsel en het herstel van beschadigd weefsel. L-lysine & Vitamine B6, van de Groene Os Veterinair, bevat deze combinatie van L-lysine en B6 en is het middel bij uistek om in te zetten bij niesziekte.

L-lysine of F-lysine?
Naast L-Lysine wordt soms de term F-Lysine gebruikt. L-Lysine en F-Lysine zijn hetzelfde. Sommige fabrikanten hanteren de term F-Lysine omdat dit product veel bij katten wordt ingezet, de F is hier een afgeleide van Feline.

Heeft mijn kat herpes? | Gezonddier.nl

Guest_Kelly-Tigerlily_*
Guest_Kelly-Tigerlily_*
OFFLINE

#8 Geplaatst 17 april 2012 - 18:34

Dank jullie allemaal voor de reacties,

groetjes

dolfjeweerwolfje
dolfjeweerwolfje
  • 13.875 berichten
    • Locatie: Kempen
  • 4 katten
OFFLINE

#9 Geplaatst 17 april 2012 - 19:15

britjes zei:

Ik zou het eerst laten testen of het wel echt herpes is. Zonder test is niks 100% zeker wat het is. Maar ja herpes is wel besmettelijk.

Ik zou niet met zo'n poes een nest nemen

Hoe testen ze dit?